Rechten bij uithuisplaatsing van mijn kind | Het Juridisch Loket Overslaan en naar de inhoud gaan

Er dreigt uithuisplaatsing van mijn kind

Is de ontwikkeling van uw kind in gevaar of is sprake van een bedreigende thuissituatie? Dan kan de Raad voor de Kinderbescherming de rechter vragen uw kind uit huis te plaatsen. Dit kan alleen als uw kind onder toezicht is gesteld of tegelijk met een verzoek om ondertoezichtstelling.

Bij een uithuisplaatsing gaat uw kind tijdelijk ergens anders wonen. Bijvoorbeeld in een pleeggezin of tehuis.

De uithuisplaatsing duurt maximaal 1 jaar. De rechter kan de uithuisplaatsing steeds met 1 jaar verlengen tot uw kind 18 jaar is.

Oneens met uithuisplaatsing

Is bij de rechter een verzoek om uithuisplaatsing ingediend? Dan kunt u een verweerschrift indienen. Dat is een brief waarin u aangeeft waarom u het niet eens bent met de uithuisplaatsing van uw kind.
 
De rechtbank stuurt u een oproep voor de rechtszitting over de uithuisplaatsing. Tijdens de zitting mag u aangeven wat u van de uithuisplaatsing vindt. De zitting is niet openbaar.

Kinderen vanaf 12 jaar krijgen een gesprek met de kinderrechter. Hierin kan uw kind vertellen wat hij van de uithuisplaatsing vindt.

Hoger beroep instellen

Bent u het niet eens met de beslissing van de rechter om uw kind uit huis te plaatsen? Dan kunt u binnen 3 maanden in hoger beroep. Hiervoor heeft u een advocaat nodig.

Bel ons 0900 - 8020 € 0,25 p/min.*
Bel elke werkdag tussen 09.00 - 18.00 uur.
U krijgt één van onze juristen aan de telefoon.
Bekijk alle contactmogelijkheden

Mijn kind is uit huis geplaatst

U krijgt een gezinsvoogd als uw kind uit huis geplaatst is. Deze stelt een hulpverleningsplan op. Werkt u niet mee aan het plan, dan kan de gezinsvoogd u een schriftelijke aanwijzing geven. Dat is een opdracht die u moet uitvoeren.

Voert u de opdracht niet uit? Dan kan de gezinsvoogd de kinderrechter vragen u te verplichten om de aanwijzing uit te voeren.

Ouderlijk gezag uithuisplaatsing

Heeft u het ouderlijk gezag over uw kind? U houdt dit tijdens de uithuisplaatsing van uw kind. Voor belangrijke beslissingen over uw kind is uw toestemming nodig. Bijvoorbeeld over inschrijving op een school of medische behandeling.

Beperkt gezag

Soms bepaalt de kinderrechter dat u het gezag deelt met de gezinsvoogd. Uw gezag wordt daardoor beperkt. In de uitspraak van de kinderrechter staat voor welke zaken de gezinsvoogd het gezag krijgt.

Is duidelijk dat u uw kind niet meer alleen kunt opvoeden of maakt u misbruik van uw gezag? Dan kan de kinderrechter uw gezag beëindigen.

Omgang met kind

Als uw kind uit huis is geplaatst, heeft u meestal recht op omgang met uw kind.

Soms vindt uw gezinsvoogd dat u minder of geen omgang mag hebben met uw kind. De gezinsvoogd kan in een schriftelijke aanwijzing uw omgang beperken. U krijgt dan een brief waarin de gezinsvoogd uitlegt waarom de omgang beperkt wordt.

Is de omgang met uw kind vastgelegd in een uitspraak van de rechter? Dan kan de gezinsvoogd de omgang niet beperken met een schriftelijke aanwijzing. De gezinsvoogd kan de rechter vragen om de omgangsregeling te veranderen.

Meer informatie over dit onderwerp
  • Wat houdt crisisplaatsing of spoeduithuisplaatsing van mijn kind in?

    Is de situatie voor uw kind thuis onveilig en loopt uw kind direct gevaar? Dan kan de Raad voor de Kinderbescherming de kinderrechter vragen om uw kind snel uit huis te plaatsen. De toestemming van de kinderrechter is maximaal 4 weken geldig.

    Binnen twee weken nadat de rechter toestemming heeft gegeven, komt er een rechtszitting. De kinderrechter neemt dan een definitieve beslissing over de uithuisplaatsing.

    Wilt u hulp van een advocaat bij deze zitting? Neem contact op met een van onze juristen voor een doorverwijzing naar een advocaat.

  • Wat kan ik doen als ik klachten heb over mijn gezinsvoogd?

    Bent u niet tevreden over uw gezinsvoogd? Bijvoorbeeld over hoe u wordt behandeld of over beslissingen die hij neemt? Neem dan de volgende stappen:

    • bespreek de situatie met uw gezinsvoogd
    • vraag een gesprek aan met de leidinggevende van de gezinsvoogd
    • dien schriftelijk een klacht in. De instelling van de gezinsvoogd heeft hiervoor een eigen klachtenprocedure. Vraag deze op bij de instelling of kijk op de website van de instelling. Meestal moet u de klacht binnen 1 jaar indienen.
    • leg uw klacht voor aan de tuchtrechter, de Nationale Ombudsman of de Kinderombudsman.

     U kunt uw klachten bespreken met het AKJ (Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg).

  • Wat kan ik doen als ik het niet eens ben met een schriftelijke aanwijzing?

    Bent u het niet eens met een schriftelijke aanwijzing van uw gezinsvoogd? Dan kunt u binnen 2 weken beroep instellen bij de kinderrechter. In het beroep vraagt u de kinderrechter om de aanwijzing niet door te laten gaan.

    De aanwijzing blijft gelden tot de rechter over uw beroep heeft beslist. U bent verplicht om de aanwijzing op te volgen tot de kinderrechter een beslissing heeft genomen.

    Aanpassen schriftelijke aanwijziging

    Is er al langere tijd een schriftelijke aanwijzing en bent u het niet meer met de aanwijzing eens? Bijvoorbeeld omdat uw situatie is veranderd? Vraag uw gezinsvoogd om de aanwijzing aan te passen of in te trekken.

    Uw gezinsvoogd moet binnen 2 weken een beslissing nemen. Wijst de gezinsvoogd uw verzoek af? Dan kunt u beroep instellen bij de kinderrechter.

    Bel ons 0900 - 8020 € 0,25 p/min.*
    Bel elke werkdag tussen 09.00 - 18.00 uur.
    U krijgt één van onze juristen aan de telefoon.
    Bekijk alle contactmogelijkheden
  • Wanneer eindigt de uithuisplaatsing?

    De uithuisplaatsing duurt maximaal 1 jaar. Na deze periode kan de instelling aan de kinderrechter vragen om de uithuisplaatsing te verlengen. De verlenging is steeds voor maximaal 1 jaar. De uithuisplaatsing eindigt als uw kind 18 jaar wordt.

    Kan uw kind weer veilig thuis komen wonen? Dan kan de uithuisplaatsing ook eerder stoppen.

    Heeft u het gezag over uw kind? Dan kunt u de instelling vragen om de uithuisplaatsing:

    • te eindigen
    • te verkorten
    • te veranderen

    De pleegouders en uw kind kunnen dit ook aanvragen. Uw kind moet dan wel ouder dan 12 jaar zijn.

    De instelling moet binnen 2 weken een beslissing nemen over uw aanvraag. Wijst de instelling uw aanvraag af? Dan kunt u in beroep bij de kinderrechter.

Terug naar boven Shape